Architect kan het verschil maken

Architect kan het verschil maken
Er zijn vele soorten architecten en allemaal hebben ze hun eigen specialisme. Maar één ding hebben ze gemeen: ze passen iets nieuws in een bestaande situatie in. Of het nu gaat om een landschap, een gebouw of een interieur, het staat nooit los van de omgeving. Dat geldt ook voor IT-architectuur.
Wijnand Westerveld
Nieuwe ontwikkelingen moeten matchen met de systemen die mensen al gebruiken. Dat is een lastige opgave, want geen enkele omgeving verandert zo snel als het IT-landschap. Ga maar na: de ontwikkeling van mainframe naar minicomputer, pc, netwerken, internet en cloudcomputing voltrok zich voor de meeste organisaties in minder dan veertig jaar. Zo beweeglijk is de IT! De ontwikkelingen gaan zo snel dat ze voor menigeen nauwelijks zijn bij te houden. Dat stelt IT-architecten voor een lastig dilemma: IT heeft door zijn generaliteit veel te bieden, maar elke oplossing wordt binnen enkele jaren achterhaald door nieuwere en doorgaans betere oplossingen. Sneller, goedkoper en flexibeler: dat willen bedrijven en organisaties wél! Maar hoe pas je al die nieuwe ontwikkelingen in het bestaande IT-landschap in?
In dit nummer van Informatie een voorzet voor het inpassen van nieuwe ontwikkelingen in ‘oude’, maar vaak nog prima functionerende IT. Bart van der Heijden , Ken Decrus en Koert Declercq beschrijven hoe organisaties hun enterprise-architectuur kunnen gebruiken om gericht in te spelen op sociale media. Bedrijven worden immers geacht steeds dichter bij hun klanten te staan en sneller te reageren op berichten in de media en berichten van klanten. Sociale media als Twitter, Facebook en YouTube bieden een platform waar klanten van alles over een organisatie kunnen ventileren. Berichtgeving die zich razendsnel verspreidt en die in het geval van negatieve beeldvorming zeer nadelig kan uitpakken voor een organisatie. Zomaar ad hoc inspelen op deze nieuwe ontwikkeling is niet verstandig, betogen de auteurs. Met de enterprise-architectuur als uitgangspunt is een gedegen en gerichte participatie in sociale media beslist mogelijk.
Bart Geens buigt zich over de vragen die cloudcomputing oproept: flexibele IT-oplossingen, zoals kant-en-klare software, ontwikkelingsomgevingen of onmiddellijk beschikbare rekenkracht volgens de formule betaal-wat-je-gebruikt. Geen andere voorwaarden, langdurige verbintenis of langetermijninvestering. Er lijkt geen enkele reden te zijn waarom een CIO vandaag de dag niet onmiddellijk zou kiezen voor cloudcomputing. En toch blijven er veel vragen. Waar komt mijn cruciale data terecht? Welke garantie heb ik qua prestatievermogen? Welke cloudoplossing is het meest geschikt en zijn alle oplossingen even interessant in kostprijs? Er blijft nog veel onduidelijkheid bestaan rond het gebruik van cloudcomputing, dat zich profileert als het ultieme IT-provisioningmodel omdat het in turbulente
economische tijden de flexibiliteit lijkt te bieden om vlot in te spelen op strategische veranderingen.
Roland Bisscheroux en Niklas Odding beschrijven een concrete oplossing voor het duurzaam bewaren van informatie. Een vraagstuk waar met name overheidsorganisaties, gezondheidsinstellingen en bijvoorbeeld het notariaat zich voor geplaatst zien. Het digitaal duurzaam bewaren van informatie vraagt om het gebruik van een voorziening daarvoor: een e-depot. De Nederlandse Regionale Historische Centra (RHC’s) en het Nationaal Archief werken in de Werkgroep Voorbereiding Implementatie e-Depot (WVI) gezamenlijk aan het gebruik van een landelijk e-Depot. In dat kader wordt een referentiearchitectuur opgesteld waarmee deze archiefinstellingen en de daarbij aangesloten archiefvormers beter in kaart krijgen wat het betekent om zo’n gezamenlijke voorziening te gebruiken. Dit vraagt onder meer om aanpassing van werkprocessen, het gezamenlijk gebruik van standaarden en het ontwikkelen van koppelvlakken.
Bij dit alles maakt de architect het verschil, schrijven Hidde Andriessen en Johan Noltes . Zij zien de rol van de architect vooral als het voorkomen van luchtfietserij en sommen een aantal voor IT-architecten kritische succesfactoren op.
Toch blijft het de vraag of er voldoende naar architecten geluisterd wordt, concludeert Rolf Zaal . Weten hoe het moet, betekent niet automatisch dat er ook naar die wetenschap gehandeld wordt, blijkt uit onderzoek. Dat geeft zowel architecten als hun opdrachtgevers stof om over na te denken.
Gastredacteuren voor dit nummer zijn Henk Bierman, Steven Poppe, Ria van Rijn en Paul Teeuwen .


Niet gevonden? Vraag het de redactie!

Heeft u het antwoord op uw vraag niet gevonden, of bent u op zoek naar specifieke informatie? Laat het ons weten! Dan zorgen we ervoor dat deze content zo snel mogelijk wordt toegevoegd, of persoonlijk aan u wordt geleverd!

Stel uw vraag