e-CF gelanceerd

e-CF gelanceerd
Deze maand is het European e-Competence Framework (e-CF) formeel gelanceerd. Wat is het precies en wat hebben we eraan?
Jan Rietveld en Bramjan Mulder
Begin 2013 waren er zevenhonderdduizend vacatures in Europa voor Bbanen in de ICT en er zijn onvoldoende ICT-experts om deze vacatures in te vullen. Dit tekort neemt toe, het aantal ICT-banen groeit terwijl het aantal ICT-experts afneemt. Naast initiatieven om het imago van het ICT-werk te verbeteren, een loopbaan in de ICT aantrekkelijker te maken, en opleidingen en trainingen op te zetten in samenwerking met de ICT-industrie, is het van groot belang om ICT-competenties goed te omschrijven zodat ze eenduidig en herkenbaar zijn en erkend en herkend worden, niet alleen in Nederland maar in de gehele EU.
Deze maand is het e-CF formeel verschenen. Het eenduidig omschrijven van ICT-competenties moet de mismatches tussen ICT-experts, -banen, -vacatures en - opleidingen voorkomen.
Zonder een uitgebreide beschrijving te geven van het e-CF is een korte samenvatting op zijn plaats (figuur 1) . Het framework is opgebouwd uit competenties. Voor functies rondom de ICT maakt men gewoonlijk gebruik van een set competenties die in het e-CF benoemd zijn. Dit kunnen competenties zijn in de planfase van een ICT-project, de bouwfase, de uitvoeringsfase, en voor ‘enablers’ en voor ‘managers’. Dit wordt dimensie 1 genoemd. Vervolgens zijn er binnen zo’n fase heel verschillende competenties van toepassing. Zo bestaat de uitvoeringsfase, dus de fase waar een ICTorganisatie zijn dagelijkse business voert, uit User Support, Change Support, Service Delivery en Problem Management. Moet er gebouwd worden, dan kijkt men naar competenties zoals Application Development, Testen en Component Integration. Dit wordt dimensie 2 genoemd.
Figuur 1. Opbouw e-CF

In dimensie 3 wordt aangegeven op welk niveau iemand werkt binnen een bepaalde competentie.
Bij iedere competentie horen een aantal niveaus. Deze niveaus lopen van 1 t/m 5 en zijn gekoppeld aan niveaus 3 t/m 8 van het Europees Kwalificatie-raamwerk EQF. Hier staat niveau 3 voor mbo-3 en niveau 8 voor de doctorstitel. Zo beginnen de competenties Testen en Application Development met niveau 1. Iemand die op niveau 1 werkt is uitvoerend bezig en werkt simpele taken uit die iemand anders aanlevert. Iemand op niveau 3 is senior, heeft vaak coördinerende taken en heeft veel ervaring met verschillende tools, methoden en/of technieken. Er zijn ook competenties waarbij het vooral gaat om visie en richting geven aan een organisatie. Die beginnen bij niveau 3 of 4. Denk aan Innovating of Architecture Design.
In principe is met dimensie 1 t/m 3 duidelijk over welke competentie en niveau men het heeft. Voorbeelden zijn bij dimensie 4 toegevoegd. Hier staan ter illustratie enkele kennis- of vaardigheidsvoorbeelden beschreven. Zo heeft iemand met de competentie Architecture Design hoogstwaarschijnlijk kennis van de enterprise-architectuur van zijn organisatie en kent hij de interne standaarden waaraan men zich dient te houden. Verder gebruikt men zijn ervaring met verschillende technologische oplossingen om een passende architectuur te kunnen bouwen.
Beroepsprofielen
Het grote voordeel van het gebruik van bouwste-nen om een beroepsprofiel samen te stellen, is dat er eenvoudig passende competentieprofielen zijn te bouwen. Zo kan voor ieder beroepsprofiel in een functiegebouw een eigen set van competenties samengesteld worden, terwijl men toch van standaardgegevens uitgaat. Als voorbeeld zijn er in de CEN ICT Skills Workshop 23 ‘ICT Professional Profiles’ samengesteld, vanuit het Platform voor Informatiebeveiliging zijn speciale securityprofielen gemaakt waar soft-skills zijn toegevoegd, en het Italiaanse AICA heeft vele profielen voor de Italiaanse markt opgesteld en heeft de beschrijving van kennis en vaardigheden (dimensie 4) uitgebreid. Zo is voor iedere situatie met standaard bouwstenen toch een ‘tailor made’ beroepsprofiel op te bouwen. Andersom is de ervaring van een ICT-professional goed te beschrijven met e-CF competenties, aan te vullen met kennis van specifieke talen, methoden en technieken.
Figuur 2. Competenties enterprise-architect
 
Een voorbeeld uit de ‘ICT Professional Profiles’ is die van een enterprise-architect. Volgens de samenwerkende Europese ICT-organisaties heeft deze een combinatie van competenties (zie CWA 16458:2012), zoals in figuur 2 weergegeven. Echter in uw organisatie worden waarschijnlijk andere accenten gelegd dan in deze figuur. Het profiel verandert dan voor uw organisatie, maar de onderliggende bouwstenen blijven gelijk. Het systeem met competenties werkt alleen bij een goede kwaliteitsbewaking. Het verheffen van e-CF tot een Europese Norm is stap 1. Goede assessments, passende opleidingen en wellicht een register is stap 2. Met name EXIN heeft meerdere assessments in haar pakket, van een quick scan tot een professioneel assessment. Maar ook elders in Europa wordt gewerkt aan assessments, kennispaspoorten voor ICT-werkers, en een register. Met name Nederlandse opleiders zijn zeer actief in het koppelen van hun opleidingen aan het e-CF. Zo wordt het eenvoudig om te bepalen welke opleidingen iemand moet volgen om van niveau 2 naar niveau 3 te komen. Zo kan een organisatie met behulp van assessments bepalen welke medewerkers voor bepaalde opleidingen in aanmerking komen.
Waarom competenties?
Het gebruik van competenties als bouwstenen heeft voordelen ten opzichte van functiebeschrijvingen in de veranderende ICT-arbeidsmarkt.
Deze functies of beroepsprofielen veranderen immers. Of zijn niet alleen op ICT gericht maar op andere branches en hebben een ICT-component in zich. Denk hierbij aan functies in de zorg of de grafische industrie waar ICT steeds belangrijker wordt.
De bepalende competenties die iemand vijftien jaar geleden bezat, zijn waarschijnlijk dezelfde bepalende competenties als iemand nu of over vijftien jaar zal bezitten. We weten niet welke functies er over vijftien jaar zijn of welke tools er over vijftien jaar gebruikt zullen worden, maar we weten wel dat competenties die vandaag van belang zijn, dat over vijftien jaar ook nog zijn. De omgeving verandert, maar de onderliggende competenties blijven intact.
We weten nu nog niet wat over vijf jaar het meest gebruikte ontwikkelplatform is, maar er zijn waarschijnlijk nog steeds mensen nodig die een goed design kunnen maken, die processen kunnen verbeteren of die gebruikers kunnen ondersteunen. Daarom is het niet alleen een tool voor de huidige ICT-arbeidsmarkt, maar zeker ook om bijvoorbeeld meer studenten richting ICT te krijgen. Niet door ze aan te spreken op de mogelijkheden in de ICT, maar door ze aan te spreken op de mogelijkheid de competenties waar ze blij van worden uit te oefenen, bijvoorbeeld in de ICT. Bijvoorbeeld analyseren, relaties bouwen of het ondersteunen van anderen, zijn bouwstenen of competenties die je al vroeg bezit en die je in je werkzame leven gebruikt. Juist deze eigenschap van competenties maakt dat het zo’n mooie methode is om kinderen en jongeren bewust te maken van hun mogelijkheden binnen verschillende vakgebieden, waaronder de ICT. Maar ook bij mobiliteitsvraagstukken geeft deze tool de mogelijkheid om over de eigen grenzen heen te kijken. En te ontdekken dat de stap naar een heel ander ICT-beroep misschien niet zo groot is als dat het leek.
Het e-CF geeft houvast als referentiekader. Het gebruik van deze standaardcompetenties maakt dat hr en opleiders een gemeenschappelijke taal kunnen spreken. Het werkt dus als referentiekader, maar schrijft niet voor. Zo doet e-CF geen uitspraken over welke theorieën en modellen gebruikt moeten worden om een competentie mee te bouwen en doet het dus geen uitspraken over de inhoud van onderwijs of opleidingen, hooguit over waartoe het moet opleiden.
Toekomstvast gebruik
Het gebruik van een competentieframework biedt ook een stabiele factor in de toekomstige ontwikkelingen in het beroepenveld. Beroepsrollen veranderen, maar de onderliggende competenties blijven constant. In 2015 hebben Marleen Olde Hartmann en Bramjan Mulder in opdracht van het ECP – ‘Platform voor de InformatieSamenleving’ – een onderzoek gedaan naar nieuw te verwachten rollen in een veranderend ICT-Landschap. Hieruit kwamen na uitgebreid deskresearch en enquêtes onder vakverenigingen en ICT’ers acht sleutelrollen naar voren waar tussen de komende drie en vijf jaren een tekort verwacht wordt. Dit zijn functies die te maken hebben met big data, security, mobile of cloudoplossingen, namelijk data scientist, digitale documentalist, enterprisearchitect, app/mobile-ontwikkelaar, user experience (UX) designer, ethical hacker, cloud-engineer en healthcare informatics. Deze rollen zijn gekoppeld aan de e-CF-competenties en zijn op de ECP-website terug te vinden. Zo wordt bijvoorbeeld bij de enterprise-architect met name op ‘A.5. Architecture Design’ zwaarder ingezet ten opzichte van de Europese ‘ICT Professional Profiles’, maar voor de andere competenties wordt ook een hoog niveau verwacht. In figuur 3 staan de blauwe cellen voor de oorspronkelijke waarden, de rode cellen voor de verwachte waarden, en de rood-blauwe cellen voor een overlap tussen oud en nieuw. Met deze informatie is een opleidingsplan vorm te geven. De te ontwikkelen gebieden worden duidelijk en de ICT-opleidingsinstituten zoals hogescholen, bieden opleidingen aan die gekoppeld zijn aan e-CF-competenties.
Figuur3.Competentiesenterprise-architect,oud en nieuw

De digitale documentalist is een andere beroepsrol die in dit rapport genoemd wordt. Het wordt immers in deze tijden met goedkoper wordende opslag, de vele back-ups, en de verspreiding van de opslag over de cloud en eigen systemen, steeds moeilijker om de bedrijfsdata op een goede manier te onderhouden. De digitale omgeving geeft een nieuw dimensie aan de documentalist. De digitale documentalist is daarom een combinatie van competenties die eerder al gevraagd werden, zoals Needs Identification en Documentation Production, en de nieuwe competentie Systems Engineering (figuur 4) .
Figuur 4. Competenties digitale documentalist

Door competenties als bouwstenen te gebruiken zijn dus toekomstige beroepsrollen vorm te geven. De humanresourcesafdeling hoeft zo niet het wiel opnieuw uit te vinden, maar kan gewenste competenties samenvoegen tot een nieuw profiel. Desgewenst aangevuld met soft-skills of certifi caten die voor een bepaalde rol belangrijk zijn. En dit kan behalve op individueel niveau ook voor een hele afdeling om te bepalen of alle gewenste competenties voldoende aanwezig zijn, en of er aanvullende opleidingen nodig zijn. Interessante materie waar een apart artikel mee te vullen is.
 

KADER
Europese normalisatie

Het e-CF is in eerste instantie gepubliceerd als een CEN Workshop Agreement (CWA), CWA 16234-1 door het Europees normalisatie-instituut CEN. CWA's worden vaak opgesteld als voorloper van een EN-norm. In 2008 is de eerste versie van het CWA 16234-1 verschenen, in 2014 is de derde versie gepubliceerd. Een CEN workshop staat open voor iedereen die interesse heeft om deel te nemen.

In 2014 is naar aanleiding van een voorstel van het Italiaanse normalisatie-instituut een CEN-normcommissie opgericht om van het e-CF een Europese norm (EN) te maken en om het verder te ontwikkelen en up-to-date te houden. Deze CEN-normcommissie ‘Digital competences and ICT Professionalism’ heeft CWA 16234-1:2014 omgewerkt naar een EN waarbij zo min mogelijk aan de inhoud is veranderd. De grote kracht van een Europese norm (EN) is dat hij door alle EU-landen moet worden overgenomen.

Experts uit verschillende EU-landen hebben bijdragen geleverd aan het e-CF. Nederlands experts van: ABIO BV, EXIN, IT-Staffing, itSMF, Ngi-NGN, de SNS Bank en Valori HPM hebben via het Nederlands Normalisatie-instituut (NEN) aan het e-CF een bijdrage geleverd.Door deze Europese input is het draagvlak voor e-CF groot. Het is daardoor een goed communicatiemiddel tussen partijen en biedt ze duidelijkheid over en vertrouwen in diensten of personen die het e-CF gebruiken. Door het gebruik van het e-CF weet iedereen wat er wordt bedoeld. En omdat het een officiële Europese norm is, is hij in alle landen van de EU geldig.

Normen zijn vrijwillig, je bent niet verplicht eraan te voldoen. Toch worden ze meestal nageleefd omdat marktpartijen er belang bij hebben. Ze profiteren zo van elkaars kennis en hoeven niet opnieuw het wiel uit te vinden. Betrokkenheid en draagvlak van een zo groot mogelijke groep belanghebbenden voor normen en het gebruik van normen is essentieel.

Omdat technieken, inzichten en (economische) omstandigheden die de basis vormen voor normalisatie, voortdurend aan veranderingen onderhevig zijn, worden normen regelmatig kritisch onder ogen genomen en zo nodig aangepast of zelfs ingetrokken. Ook aan het e-CF wordt de komende jaren verder gewerkt zodat de norm actueel blijft. De NEN-commissie gaat een actieve rol spelen bij deze revisie.

 

 
Dr. Jan Rietveld (jan.rietveld@nen.nl) is consultant Kennis & Informatiediensten bij het NEN.
Bramjan Mulder (bramjan.mulder@it-staffing.nl) is manager resources bij IT-Staffing.
 
 

Tag

eCF

Onderwerp



Niet gevonden? Vraag het de redactie!

Heeft u het antwoord op uw vraag niet gevonden, of bent u op zoek naar specifieke informatie? Laat het ons weten! Dan zorgen we ervoor dat deze content zo snel mogelijk wordt toegevoegd, of persoonlijk aan u wordt geleverd!

Stel uw vraag