Hoe bouw je een ecosysteem rondom je platform?

Biedt partneren softwarebedrijven veel voordelen? Hoe weet een bedrijf of ze dit proces goed in de vingers heeft? De Universiteit Utrecht ontwikkelde een model en paste het toe op bijvoorbeeld Microsoft.

”We sluiten elke week een nieuw huwelijk”, vertrouwt Emo Prins, CEO van BusinessBase me toe. “Voorheen was een strategisch partner iets ongewoons, maar we willen passen in elke klantconfiguratie, dus we zijn voortdurend aan het integreren.” Het is een herkenbaar beeld voor softwarebedrijven: partnering behoort tot de orde van de dag. Partnering brengt ook grote voordelen met zich mee: toegang tot een nieuwe markt, complementaire functionaliteit, een onmisbare schakel in de datatoeleverantieketen, etc.

Sommige Nederlandse bedrijven gaan een stapje verder: zij bouwen een platform waarop anderen oplossingen mogen bouwen. Een mooi voorbeeld is de appstore van Exact. Van een Nederlandse start-up hoorde ik: “Eerst werden we daar op het hoofdkantoor uitgenodigd, terwijl we nog maar een jaar bezig zijn. Inmiddels kunnen we via Exact onze eerste internationale klant welkom heten. Zonder Exact hadden we onze groei niet kunnen waarmaken.” En hoewel Exact waarschijnlijk niet echt rijk wordt van de handel in apps, hebben ze weer een klant blij gemaakt met een stukje additionele functionaliteit.

Aan de Universiteit Utrecht en binnen het NISI doen we onderzoek naar partnering en ecosystemen. We kijken dan niet alleen naar partnering, maar ook naar vaak anonieme appontwikkelaars, klanten met ontwikkelaars aan boord die uitbreidingen bouwen op een platform, en zelfs consultants en verkooppartners die ook in het netwerk actief zijn.

Mendix heeft bijvoorbeeld een heel interessant ecosysteem. Ze hebben grote strategische partners zoals Conclusion en ORTEC die ze in aanraking brengen met nieuwe klanten. Daarnaast hebben ze hechte relaties met consultancybedrijven die Mendixapplicaties bouwen voor klanten van Mendix. Tot slot hebben ze ook een netwerk van ontwikkelaars die oplossingen bouwen op basis van het Mendixplatform bij klanten. Mendix heeft dus al drie verschillende bloedgroepen die rondom het product actief zijn, buiten de eigen ontwikkelaars om, en doet er dan ook alles aan om deze partijen verder in het netwerk te engageren via hackathons, meetups en een regelmatig terugkerend Mendix World-congres.

Een volwassenheidsmodel voor ecosysteemmanagement
Aan de Universiteit Utrecht is een volwassenheidsmodel ontwikkeld voor ecosysteemmanagement, waarmee een bedrijf kan evalueren of ze dit proces wel goed in de vingers hebben. Een volwassenheidsmodel bestaat uit een verzameling van key practices, met daarin uitgebreide omschrijvingen van elke practice. Het model bestaat uit zeven onderdelen (figuur 1), zijnde: gezondheid van het ecosysteem, partnermodellen, open markten voor software, intellectueel eigendom, governance van softwareontwikkeling, open platformen en open innovatie.

Figuur 1 Ecosysteemdenken

Klik op afbeelding voor vergroting

Onder open innovaties zitten practices zoals het publiceren van een technologieplanning: op welke thema’s wil het bedrijf zich de komende jaren richten en welke functionele gebieden gaan daarbij aan bod komen? Met een dergelijke roadmap kunnen partners bepalen of ze in nieuwe niches willen springen en of ze bij bepaalde zaken moeten wegblijven. Het moet voor een aantal navigatieapplicatieontwikkelaars in het Android-ecosysteem bijvoorbeeld frustrerend geweest zijn dat Google al snel met een navigatieapplicatie kwam op basis van Maps. Google communiceerde hierover weinig, hoewel iedereen het natuurlijk wel zag aankomen.

Daarnaast kijken we met het model naar het aspect ‘time to “hello world!”’. Wat hiermee bedoeld wordt, is de snelheid waarmee een nieuwe ontwikkelaar aan het werk kan in een nieuw ecosysteem voordat hij een eerste applicatie heeft draaien. Voor mobiele applicaties is deze snelheid over het algemeen vrij laag, daar waar bij veelgebruikte Nederlandse API’s nog weleens een dag gewacht moet worden op toestemming van de API-­beheerder voordat de applicatie gebruikt mag worden.

Een ander aspect is het bouwen van een ecosysteem van ontwikkelaars.

We hebben door de jaren heen veel ervaring opgedaan met het organiseren van hackathons en kunnen hierover dan ook veel kennis delen. Hoe zorg je ervoor dat je de juiste ontwikkelaars aan tafel krijgt? Wie zijn de ‘popsterren’ binnen jouw ecosysteem? En welke partners houd je liever buiten de deur bij een dergelijk evenement?

Welk type ecosysteem?
Het model is toepasbaar op elk ecosysteem. In de academische literatuur onderscheiden we verschillende typen ecosystemen: SDK-ecosystemen, API-ecosystemen en app-ecosystemen. Een SDK-ecosysteem is een ecosysteem waarbij een Studio Development Kit (SDK) wordt geleverd die het voor ontwikkelaars mogelijk maakt om snel bepaalde functionaliteit in de ontwikkelaarsomgeving te krijgen. Zo heeft Azure een heel fijne SDK om C#-apps mee te bouwen, waardoor ontwikkelaars binnen .NET eerder voor Azure zullen kiezen dan voor concurrent Amazon Web Services. Een API-ecosysteem is een ecosysteem waarin verschillende partijen worden samengebracht rondom een of meerdere API’s. Tot slot is een app-­ecosysteem een ecosysteem waarbij apps gebouwd worden die typisch in een beperkte omgeving kunnen worden uitgevoerd, zoals de mobiele app-ecosystemen.

Deze ecosystemen worden heel strategisch ingezet en inmiddels is een combinatie van dit soort ecosystemen eerder regel dan uitzondering. Zo heeft Android bijvoorbeeld een SDK en zelfs een speciaal gebouwde ontwikkelaar­somgeving waarin apps worden gebouwd. Vervolgens worden mensen impliciet gekoppeld aan de Google Wallet- en Android-verdienmodellen via de aangeleverde SDK’s. Een aantal van deze SDK’s praat dan natuurlijk weer met de Google-cloud en Google’s App Engine. Zo heeft Google je warm gemaakt voor niet één maar zelfs vier van zijn platformen.

Hoe volwassen is Microsoft?
We hebben inmiddels voor verschillende bedrijven een analyse gedaan van de volwassenheid van het ecosysteem en het management ervan. De bedrijven scoren in het algemeen laag, maar dat heeft veel te maken met de omvang van het volwassenheidsmodel en de strategische keuzes die gemaakt worden. In figuur 1 staan de resultaten van twaalf volwassenheidsevaluaties. Niet verrassend komen iOS, Microsoft als bedrijf, en Android zeer goed uit de bus. Maar ook CISCO doet het niet slecht: samen met zijn ecosysteem van innovatieve bedrijven richt CISCO zijn pijlen op de groten der aarde en ziet zijn partnernetwerk als enige manier om dit te bereiken. Opvallend is dat weinig bedrijven zich richten op de gezondheid van het ecosysteem. Zo zijn er slechts een paar groten die een analyse doen van het ecosysteem, de deelnemende participanten, en die proberen om start-ups en universiteiten aan zich te binden. Hier kunnen de kleintjes nog veel van leren.

Figuur 2 Ecosysteem

Klik op afbeelding voor vergroting

Conclusie
Een platformecosysteem starten doe je niet van de ene op de andere dag. Het vergt grote investeringen. Er zijn zelfs bedrijven die partners betalen om actief te worden in het ecosysteem. De beloning is dan ook groot: het softwarebedrijf en het platform worden onmisbaar voor gehele technologiegeneraties. De ontwikkelaars kiezen de technologie en maken daarmee de platformen van de toekomst. Zoals het omschreven werd in een boek over ecosystemen van ontwikkelaars: “Developers are the new kingmakers!”

Slinger Jansen (Roijackers) is assistent-professor bij de afdeling Informatica en Computerweten­schappen van de Universiteit Utrecht. Zijn onderzoek richt zich op software­productbeheer en software-ecosystemen.

Tag

Onderwerp



Niet gevonden? Vraag het de redactie!

Heeft u het antwoord op uw vraag niet gevonden, of bent u op zoek naar specifieke informatie? Laat het ons weten! Dan zorgen we ervoor dat deze content zo snel mogelijk wordt toegevoegd, of persoonlijk aan u wordt geleverd!

Stel uw vraag